Zoeken | Site-navigatie | Extra onderdelen (sidebar)

Alle berichten over ‘stage’

Een andere wereld

19 januari 2018 door
Door: Kelly Heidekamp

 

Het is 1 januari 00:00, het is stil, muisstil. 9 uur geleden kwamen er al vele berichtjes binnen waarin
iedereen elkaar een gelukkig nieuwjaar wenste. Nu is dan ook eindelijk bij mij het nieuwe jaar begonnen. Ik kijk uit mijn raam, maar het enige wat ik zie is het zwart van de nacht met de glinstering van de maan er tussendoor. Ik zie geen mensen op straat, ik zie geen vuurwerk. Op dat moment realiseer ik me dat ik niet in Nederland ben, ik ben in een andere cultuur terecht gekomen.

Om precies te zijn zit ik in Californië, Amerika. In de plaats genaamd San Bernardino. Het ligt op ongeveer een uurtje rijden vanaf Los Angeles. Ik heb het geluk om hier stage te mogen lopen. 5 maanden lang kan ik de Amerikaanse cultuur ontdekken. Althans, daar ging ik van uit toen ik Nederland verliet…

Eenmaal aangekomen in California, kwam ik er al snel achter dat ik niet de ‘’typische Amerikaanse’’ cultuur zou gaan ontdekken. De cultuur die ik hier heb leren kennen is een combinatie van de Amerikaanse en de Mexicaanse cultuur. Hier had ik nooit aan gedacht voordat ik voet zette op Amerikaans grondgebied. Achteraf gezien had ik dat best kunnen weten. De plaats waar ik stage loop en woon, ligt op ongeveer 2 uur rijden van de Mexicaanse grens. Bovendien is Californië vroeger in handen geweest van de Spanjaarden. In plaats van de Amerikaanse cultuur, als die al bestaat, mocht ik dus dé cultuur van zuid-Californië ontdekken. Je moet nagaan dat Californië alleen al groter is dan Nederland. Als je dan ook nog meeneemt dat er in Nederland al een cultuurverschil bestaat tussen het noorden en het zuiden, dan begrijp je ook dat ik niet meer over ‘de’ Amerikaanse cultuur praat. Ik ga er nu van uit dat elke staat zijn eigen cultuur heeft ontwikkeld en dat er binnen staten ook nog verschillen zijn.

Iedereen heeft wel een beeld van de cultuur in Californië. Veel fast food, de typische surfstranden en veel dikke mensen. Dit beeld kan ik niet ontkennen. Het klopt dat overal waar je kijkt je wel een fast food-restaurant kan vinden. Op loopafstand van mijn appartement alleen al, zijn al meer dan tien verschillende fast food-restaurants te vinden.  Deze worden door de inwoners ook goed bezocht. Als ik ’s ochtends vroeg om half 8 de weg op ga, zie ik bij sommige fast food-restaurants al lange rijen bij de ‘drive thru’ staan. De mensen zijn hier dol op drive thru’s heb ik ontdekt. Voor bijna alles hebben ze hier wel een drive thru. Van een drive thru van de Starbucks tot een drive thru voor een beurt voor je auto en van een drive thru voor het pinnen van geld tot een drive thru voor het halen van de griepprik. De mensen hier doen alles met hun auto. Ik moet ook eerlijk bekennen dat ze groot gelijk hebben, want een andere optie heb je hier ook niet. Ik moest van LA naar San Bernardino komen met het openbaar vervoer. Naast dat ik een grote koffer en twee tassen bij me had, was deze rit sowieso geen pretje. Er rijden niet, zoals in Nederland, overal bussen naar toe. Om ergens te komen moet je vaak ook nog een eind lopen. Daarnaast is de fiets hier geen mogelijkheid: alles is zo gebouwd dat het te ver uit elkaar ligt om te fietsen. Daarnaast is het ook nog behoorlijk gevaarlijk om hier te fietsen aangezien er nauwelijks fietspaden zijn. Ik heb in mijn tijd hier wel een aantal mensen op de fiets gezien, maar de meeste keren was dit langs de snelweg. Ik snap dan ook dat de voorkeur toch uitgaat naar de auto. Je zou kunnen zeggen, dat dat misschien wel de reden is dat Amerikanen zo dik zijn. Het kan natuurlijk zijn dat ik in een relatief gezond gebied van Amerika woon, maar ik heb nu niet het idee dat hier zoveel meer dikke mensen rondlopen dan in Nederland.

Het typische beeld van Californië zelf klopt wel. Zeker wanneer je aan de kust bent. De prachtige beelden uit films met de witte stranden, de wegen met palmbomen aan de zijkanten en de prachtige surfstranden zijn er zeker! Ik had het geluk dat ik met iemand mee mocht om een dagje te gaan surfen. Zij surft minstens drie keer per week en altijd bij hetzelfde strand. Het is precies zoals je zou verwachten. Als je ooit de kans krijgt om in Californië te leren surfen, zou ik dat zeker aanraden!

Zodra je wat meer het land in gaat richting het oosten, zal je zien dat de Mexicaanse invloeden steeds meer zichtbaar worden. Er lopen niet alleen meer mensen rond met een Mexicaans uiterlijk, maar veel borden zijn ook vertaald in het Spaans en er zijn meer Spaanse eetgelegenheden. Vooral deze cultuur heb ik echt van dichtbij gezien tijdens mijn stage. In de fabriek waar ik stage heb gelopen, heeft het grootste gedeelte van de werknemers een Mexicaanse achtergrond. Velen van hen spraken niet eens Engelsen konden alleen maar Spaans. Dit maakte het wel lastiger om te communiceren, maar gelukkig waren er ook veel collega’s die beide talen spraken.

Wat mij is opgevallen gedurende mijn stage, is dat voedsel heel veel vertelt over de cultuur. Je merkt hier dat veel eetgelegenheden Mexicaans zijn, of in ieder geval een schap met Mexicaanse producten hebben. Deze producten zijn weer heel anders dan ik gewend ben in Nederland. Een simpele rookworst of boerenkool is hier lastig te vinden. Daarentegen vind je wel overal tortilla’s en verschillende soorten salsa’s. Bij mij op stage hadden we elke eerste donderdag van de maand een gezamenlijke lunch die elke maand door iemand anders geregeld werd. Op deze manier heb ik veel echt ‘’grootmoeders’’ Mexicaans eten gehad: erg pittig, maar niet heel gezond. Toen het de beurt aan Maria was, een echte Mexicaan, had zij een echt Mexicaans broodje meegenomen. Toen ik het zag, deed het me heel erg denken aan een broodje kebab. Het smaakte iets anders, maar het kwam wel op hetzelfde neer: een soort pita broodje met vlees, groente en knoflooksaus. Het was wel apart om te zien dat iets wat echt traditioneel Mexicaans voor hen is, door mij eerder met Turkije wordt geassocieerd.

Als student Food & Business, valt eten mij als eerste op als het gaat om cultuurverschillen. Natuurlijk heb ik ook andere verschillen ervaren. Het gebeurt wel vaker dat als je naar een ander land gaat, dat er een andere valuta wordt gebruikt. In Amerika gebruikt men blijkbaar, naast een andere valuta, ook een andere eenheid voor bijvoorbeeld de tempratuur, voor de afstanden en voor gewichten. Voor zover ik weet, zijn er niet veel meer landen die Fahrenheit gebruiken. Ik ging ervanuit dat ze Celsius wel zouden snappen. Maar helaas, ik moest alle eenheden leren omreken. Celsius werd Fahrenheit, kilometers werden Miles en grammen werden ounces. Het blijft toch wel raar dat Amerika een van de weinige landen is die dit nog gebruikt. Ik heb hier misschien wel een verklaring voor. Ik heb namelijk het idee dat Amerikanen erg op zichzelf zijn en dan ook erg graag anders willen zijn dan de rest.

Tijdens mijn stage hier heb ik vrij weinig vragen gekregen over hoe het dan in Nederland was en als er al een vraag kwam, hadden ze geen idee waar Nederland ligt. De vraag die ik het vaakst over Nederland kreeg was: ‘en wat is Holland dan?’ De meeste Amerikanen leven echt in Amerika en hoeven ook niet meer te weten. Zo vond ik het vreemd dat op 9/11 ik niks mee kreeg van de ramp die een aantal jaar geleden was gebeurd. Terwijl we daar in Nederland nog elk jaar bij stil staan en de een na de andere documentaire op tv te zien is. De mensen hier vinden alleen hun eigen omgeving belangrijk. De branden in noord-Californië? Je hoorde er niks over. Maar toen de branden rond Los Angeles waren had iedereen het erover. Het is apart om te zien dat wij in Nederland alles weten over de hele wereld en ze hier in zuid-Californië alleen maar het nieuws over hun eigen gebied interessant vinden.

Daarnaast is een cultuur ook goed terug te zien in de feestdagen. Ik heb hier een aantal grote feestdagen mogen meemaken. De eerste feestdag die ik tegenkwam tijdens mijn stage hier was Thanksgiving. Ik heb Thanksgiving niet op de traditionele manier mee kunnen vieren. Thanksgiving viel dit jaar op de dag na mijn verjaardag. Mijn ouders waren toen hier en we waren op een roadtripje hier in de omgeving. Wel hebben we toen bij een restaurant een Thanksgivingbuffet gegeten met, volgens het personeel, echt traditioneel eten. In grote lijnen bestond dit buffet uit kalkoen of ham met bijgerechten, waaronder aardappelpuree. Van de rest van de bijgerechten weet ik niet wát het was, maar ik weet wel dat het niet helemaal mijn smaak was. Wat wel goed bij mij in de smaak viel waren de toetjes. Iedereen vertelde mij al dat je op Thanksgiving ‘pumpkinpie’ moet eten. Dit was één van de toetjes, dus aan die traditie hebben wij in ieder geval voldaan.

Ondanks dat ik Thanksgiving niet heb kunnen vieren zoals ze dat hier traditioneel doen, heb ik onbewust toch een traditie meegemaakt. Althans het is niet echt een traditie, maar veel Amerikanen doen het wel hier: ouders nemen hun kinderen mee naar Las Vegas als ze 21 worden. Zo gezegd, zo gedaan. In de week van mijn 21ste verjaardag hebben mijn ouders mij mee naar Las Vegas genomen. Dat kunnen niet veel mensen zeggen in Nederland!

Na Thanksgiving komt al snel kerst. Met kerst was ik uitgenodigd bij een vriendin thuis om kerst met haar en haar familie te mogen vieren. Ik ken kerst als een feest waarbij je je familie ziet en lekker gaat eten. Hier was eten niet de belangrijkste gebeurtenis: de dag draaide om de cadeautjes! Iedereen kreeg een sok, zo’n grote die je aan de open haard moet hangen, gevuld met kleine cadeautjes. Daarnaast had iedereen ook nog voor iedereen een cadeautje gekocht. Toen dit was gebeurd, was het (om 4 uur al!) tijd voor het eten. Het eten bestond uit kalkoen met aardappelpuree en salade. Het leek wel een beetje op het diner van Thanksgiving. Als toetje hadden ze nog verschillende soorten ‘pies’. Het eten was prima, maar in Nederland zouden mensen dit een beschamend kerstdiner vinden.

In Nederland merk je altijd wel aan het weer dat je richting kerst gaat: er worden steeds meer kerstbomen opgetuigd en je hoort overal kerstmuziek. Dat is wat mij eraan doet denken dat de kerst er aankomt. Hier in Amerika is het al veel eerder duidelijker dat kerst er aankomt. Na Thanksgiving, laatste donderdag van november, tuigt iedereen de boom op. Bovendien versieren heel veel mensen hun huizen ook met heel veel lichtjes en dergelijke. Sommige straten zijn zo erg versierd, dat de politie’s avonds de straat afsluit en het verkeer regelt, zodat iedereen veilig langs de huizen kan lopen om de versierde huizen te aanschouwen. Het enige wat voor mij miste om het echte kerstgevoel te krijgen, was de kou. Het was hier ongeveer 30 graden Celsius tijdens kerst! Ik zal hier niet over klagen, maar er miste naar mij gevoel wel iets.

Dit was ook zo tijdens oud en nieuw. Het was hier heerlijk warm! Helaas is oud en nieuw niet echt een ding hier. Mensen blijven wel vaak op, maar de dag is zoals vele andere. Zelf vuurwerk afsteken mag hier ook niet. Je zal je dus altijd naar een grote stad moeten gaan om een vuurwerkshow te zien. Zoals ik al zei in de intro, om 00:00 uur merk je niet dat er een nieuw jaar is begonnen. In Nederland gaat iedereen de straat op. Hier was het ijzig stil.

Het was een goede ervaring om een andere cultuur op deze manier te mogen ontdekken. Ik ben er toch wel achter gekomen dat een cultuur zich het beste uit in de eetgewoontes van de mensen. Ik ben dan ook wel weer erg blij als ik thuis ben en weer lekker stamppot en stroopwaffels kan eten.

50e Vergadering Vakbond Sensorisch Onderzoek

21 november 2016 door

GESCHREVEN DOOR: ESMÉE VERMEER, 3E JAARS F&B STUDENT

 

Hallo, mijn naam is Esmée Vermeer en ik studeer Food & Business. Ik zit in het 3e jaar en ben nu bezig met mijn stage bij Wageningen UR, afdeling Wageningen Food & Biobased Research. Natuurlijk werk ik niet elke dag alleen maar op de Campus maar werk ik ook op locatie en mag ik mee naar verschillende bijeenkomsten. Zo ben ik laatst, 8 november jl., naar de 50e Vakgroepvergadering Sensorisch Onderzoek geweest samen met mijn bedrijfscoaches.

SONY DSC

 

Het leuke van deze vergadering was dat deze werd gehouden op de HAN, in het Bisschop Hamerhuis. De vergadering wordt 2x per jaar gehouden en telkens op een andere locatie. Toevallig was het deze keer in het Bisschop Hamerhuis in Nijmegen en was Mirjam Welbers de gastvrouw.  Ook Bas de Cock kwam ik tegen bij de kookworkshop. De opleiding Food & Business werd goed vertegenwoordigd.

SONY DSC

De Vakgroep Sensorisch onderzoek is een discussieplatform voor en over sensorisch/consumentenonderzoek en heeft als doel om kennisuitwisseling en goed onderwijs binnen deze discipline te stimuleren. Er zijn zo’n tachtig mensen lid van deze vakgroep. De leden komen voornamelijk uit de voedingsmiddelen-industrie, academische instellingen, hogescholen en onderzoeksinstituten.

De doelstellingen van de vakgroep Sensorisch Onderzoek zijn:

  1. Een actieve organisatie zijn met actieve leden.
    • Ieder half jaar een vakgroepsbijeenkomst
    • Tweejaarlijks een symposium Proeven van Succes
    • Jaarlijks een cursus en examen Sensorisch Onderzoek
    • Themadagen en workshops
  2. Sensoriek vanuit het lab naar de consument brengen.
  3. Marketeers meer betrekken bij en het op de hoogte houden van sensorisch onderzoek.

Tijdens de vergadering is als eerste kort de voorgaande (49e) vergadering besproken. De belangrijkste punten werden nog even kort toegelicht. Hierop volgde de actiepunten van de 50e vergadering en mededelingen. Tijdens de vergadering werden er diploma’s uitgereikt aan de mensen die hun Sensorisch Onderzoeker B toets gehaald hadden. De toetsstof komt uit het boek Proeven van Succes dat ook wordt gebruikt tijdens de opleiding Food & Business. Het is leuk om te zien dat een boek dat je gebruikt voor je opleiding ook daadwerkelijk gebruikt wordt in de praktijk. Ook vond tijdens de vergadering de overhandiging van de nieuwste druk plaats. Ondanks dat deze overhandiging die dag plaats vond, werd er ook al gesproken over de verbeteringen en toevoegingen voor de volgende nieuwe druk.

Gastspreker Hans Everse

Na akreeftfloop van de vergadering kwam Hans Everse een presentatie geven. Hans Everse is chef-kok en eigenaar van het Zeeuwse bedrijf Zilt-E Ziltzaam Lekker. Daarnaast is hij teamleider CulinR & Facilitair bij Cleijenborch CulinR en vice-voorzitter van Gastronomisch Gilde Nederland. Enthousiast vertelde hij over zijn visie. Zilt-E staat voor heerlijke, pure en eerlijke smaken, samen genieten en plezier hebben, meer groente en minder vlees of vis, geen poespas op het bord, geen convenience en smaakversterkers uit pakjes of zakjes, maar mensen inspireren door ze dingen te leren over echt Zeeuwse producten en smaken. Hans gebruikt nergens zout voor maar gezuiverd Oosterscheldewater. Dit bevat veel minder natrium maar geeft een zelfde smaak.

Uiteraard kon het proeven niet uitgesloten worden na deze presentatie vol lekkernijen. Wat we als eerste mochten proeven was het gezuiverde Oosterscheldewater. Dit is natuurlijk niet echt ‘lekker’, maar geeft een goed beeld van het product als grondstof voor andere producten. Zo gebruikt Hans dit Oosterscheldewater in het deeg voor zijn Zeeuwse bolussen maar ook voor de roomboter die we op de bolussen smeerden bij het proeven. Het meest merkwaardige dat Hans had meegenomen om te proeven, waren rauwe mosselen. Dit is te vergelijken met oesters alleen vond ik zelf meer smaak zitten aan een rauwe mossel. Na zijn presentatie heeft Hans geholpen bij de kookworkshop.

Kookworkshop

Na de vergadering en de presentatie van Hans Everse zijn we met zijn allen de Creative Kitchen van Food & Business ingedoken. Tijdens de inloop van de vergadering heeft iedereen een stickertje gekregen, dit stickertje bepaalde in welke groep je ging koken. Er waren vijf groepen met elk een ander thema. De thema’s waren; groenten, vis, vlees, salade en vegetarisch. Bij elke groep stond een grote doos op de bank vol met ingrediënten en een kookboek. Wat er werd gekookt mochten we zelf weten, als er maar geen food waste plaats vond en we mochten geen zout gebruiken, alleen gezuiverd Oosterschelde water.

Tijdens het koken hield Bas de Cock, waar nodig, een oogje in het zeil. Samen met Hans Everse werd er advies gegeven over hoe wij onze bedachte gerechten het lekkerst en mooist konden presenteren. Uiteraard werden alle bereide gerechten na afloop met zijn allen opgegeten. Tijdens het koken en het eten werd er veel genetwerkt. Ik heb zelf ook met veel mensen gepraat die werkzaam zijn bij diverse bedrijven door heel Nederland. Al met al vond ik het erg leuk dat ik mee mocht naar deze vergadering en ben ik weer een praktijkervaring rijker!

SONY DSC

Food and Business op stage Buitenland

14 september 2016 door

GESCHREVEN DOOR CELINE VAN DELFT, 3e JAAR F&B.

Hallo Foodies!

Ik ben Celine van Delft en eind augustus 2016 ben ik begonnen met mijn stage in Bali, Indonesië. Eigenlijk wist ik al voordat ik aan Food & Business begon dat ik stage wilde gaan lopen in het buitenland, op dat moment wist ik alleen nog niet precies waar, als het maar niet in Nederland was. Aan het eind van mijn 1e jaar Food & Business wist ik dat ik naar Bali wilde voor mijn stage en ik wist ook dat het niet heel makkelijk zou worden om een goede stage daar te vinden. Eind november 2015 ben ik al begonnen met zoeken naar een stage in Bali, dit was dus al voordat het eerste semester was afgelopen en de stage informatiebijeenkomst was ook nog niet gehouden. Dit hield mij er niet van om al te beginnen met mijn zoektocht naar de perfecte stage.

De start
anugaOm te beginnen ben ik naar de Anuga in Köln geweest. Hier ben ik bij verschillende stands langs geweest om te kijken of ze een interessante stage plaats hadden. Uiteindelijk had ik 3 leuke bedrijven die een eventuele stageplaats hadden, één ervan was in Bali en de andere twee zaten in Spanje (ook superleuk natuurlijk). Het bedrijf in Bali handelde in palmolie, rietsuiker en kokos. Ik heb contact gezocht met de verantwoordelijk persoon van dit bedrijf, helaas bleek het dat het bedrijf te klein was. Ze hadden maar 3 mensen op kantoor en de rest van de werknemers waren boeren die de grondstoffen leverden. Een stageplek moet namelijk minimaal 10 werknemers op kantoor in dienst hebben.

In het C-cluster (1e half jaar) was er wel een stagemarkt voor studenten die op buitenlandstage willen, hier ben ik ook naar toe gegaan. Er stond ook een stagebureau Abroad Internships. Hier heb ik gevraagd of zij ook contacten hadden in Bali. Uiteindelijk hadden ze heel veel contacten in heel veel landen, maar niet in Indonesië.

En weer verder….
down-to-earthIk ben verder gaan zoeken op internet en heb ook mijn contacten in Bali gevraagd op zij iets wisten. Via internet zag ik een leuke stageplaats vooral gericht op logistiek. Deze stagevacature stond op een website van een ander stagebureau, Young Professionals Indonesia. Ik kreeg vrij snel reactie van dit bureau. Helaas had ik weer een tegenslag aangezien deze stage geen enkele link had met food, wat natuurlijk een vereiste is voor een stage bij Food & Business. Wel kwam dit bureau gelijk met een alternatief, een marketing stage bij een bedrijf dat restaurants en winkels heeft op Bali en alles is biologisch en veganistisch. Een duidelijke link met food in ieder geval. Ik ben het bedrijf Down to Earth gaan bekijken en de specificaties van de vacature, dit sprak mij erg aan.

Regelwerk deel I
Dit was het moment dat het geregel begon (januari 2016). Ik heb een skype gesprek met de marketingmanager gehad en zij was enthousiast over mij en mijn opleiding en ik was enthousiast over het bedrijf. Na het gesprek moest ik verschillende dingen weten, was het bedrijf groot genoeg, waren er medewerkers met een hbo-diploma of vergelijkbaar, wat zou mijn stageopdracht worden, etc. Al deze dingen heb ik via skype en mail moeten achterhalen, hier gaat redelijk wat tijd inzitten. In februari heb ik het eerste gesprek met de stagecoördinator van school gehad. Benjamin zag het gelukkig zitten, wel moest ik nog met een concretere stageopdracht komen. Dit heb ik toen geregeld en daarna is mijn stage goedgekeurd.

Regelwerk deel II
ambassadeIn maart heb ik uiteindelijk het contact ondertekend. Nadat het contact ook door Benjamin was ondertekend had ik officieel een stage op Bali. Alleen met een buitenland stage ben je nu nog niet klaar. Je moet een visum regelen, vliegtickets kopen, verzekeringen regelen, ov-vergoeding aanvragen. De laatste twee waren niet zo moeilijk. De verzekering heb ik samen met mijn ouders geregeld en de ov-vergoeding kan via een formuliertje dat door de HAN ondertekend moest worden. Het visum daarentegen was een ander verhaal. Je hebt heel veel papieren nodig die vanuit de Indonesische immigratiedienst moeten komen. Het stage bureau heeft mij hier gelukkig mee geholpen, anders had in mijn visum waarschijnlijk nooit gekregen. Het heeft ongeveer 3 maanden geduurd voordat ik alle papieren had om mijn visum aan te vragen bij de ambassade. Ik moest ook al mijn heen en terugvlucht boeken om überhaupt een visum aan te kunnen vragen. Mijn stage eindigt pas in januari 2017, als je daarvoor een vlucht moet boeken kost redelijk wat. Ik heb dan ook een enkele vlucht heen geboekt en terug een goedkoop ticket naar Singapore zodat ik later een goedkoper en gunstiger ticket kan boeken terug naar Nederland.

Eindelijk!
Op 13 juni ben ik uiteindelijk naar Den Haag afgereisd om mijn visum aan te vragen. Alles is gelukkig goedgekeurd en op 16 juni kon ik mijn paspoort met visum weer ophalen. Alles is dus eindelijk geregeld. Op naar Bali!!

lunchNog een paar tips:

Wanneer je naar het buitenland wilt voor stage, met name buiten Europa, begin op tijd met een stage plaats zoeken, want in het papierwerk daarna gaat heel veel tijd zitten.

Vergeet niet al je studiepunten te halen, want op buitenland stage kan je geen herkansingen maken!

Denk aan de kosten van een buitenlandstage, niet in alle landen krijg je stagevergoeding.

Neem initiatief, beter te vaak mailen dan te weinig en dan te laat de juiste informatie krijgen.


Buitenlandse stage? VIN-tastisch!

2 november 2015 door

GESCHREVEN DOOR WILLEKE VAN DE NOORT

Met mijn gele ‘Frans voor Dummies’, wijnglazen van de AH en al mijn marketingboeken vertrok ik naar Frankrijk voor mijn avontuur: Stage in het buitenland. In 6 alinea’s beschrijf ik hoe ik mijn eerste weken heb beleefd, wat ik nu al heb geleerd en wat ik nu al anders zou hebben gedaan.


Frankrijk2

Lees verder