HAN

Zoeken | Site-navigatie | Extra onderdelen (sidebar)

Alle berichten over ‘Ketenzorg’

KLPS-project afgerond

9 maart 2012 door Remco Ebben

Het project Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg (KLPS-project) is afgerond. Het KLPS-project liep van juni 2009 tot en met februari 2012 en werd gesubsidieerd vanuit het programma Spoedzorg van ZonMw. Het KLPS-project bestond uit twee fases met verschillende doelstellingen en eindproducten: Lees verder

Ontwikkeling implementatiewijzer voor de Nederlandse Triage Standaard (NTS)

6 september 2011 door Remco Ebben

Sinds 2005 werken de Nederlandse Vereniging Spoedeisende Hulp Verpleegkundigen (NVSHV), Ambulancezorg Nederland (AZN) en het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) samen om te komen tot een standaard voor triage in de acute zorg: de Nederlandse Triage Standaard (NTS). De NTS is inmiddels getest in 9 pilotregio’s en ervaringen van deze pilot worden verwerkt in een implementatiewijzer. Deze is eind september beschikbaar op www.de-nts.nl.

Verloskundige spoedzorgketen heeft nog wel zwakke schakels

3 maart 2011 door Fon Zeegers

Om ervoor te zorgen dat de verloskundige spoedzorgketen goed functioneert, zijn afspraken nodig, niet alleen tussen bijvoorbeeld verloskundigen en ziekenhuizen, maar ook tussen verloskundigen en ambulancediensten en verloskundigen en huisartsen(posten). Er was echter geen goed inzicht in de wijze waarop de samenwerking binnen de verloskundige spoedzorgketen verloopt. Met het door ZonMw gesubsidieerde onderzoek “Organisatie van spoedzorg in de verloskundige keten”, uitgevoerd door het NIVEL, heeft de KNOV beter zicht willen krijgen op de samenwerking in de verloskundige spoedzorg en de regionale verschillen daarbij. Thema’s die hierbij nader zijn onderzocht zijn o.a. het vervoer, verantwoordelijkheden bij overdracht en communicatie. De KNOV en Ambulancezorg Nederland hopen met de resultaten van het onderzoek een bijdrage te kunnen leveren aan de verbetering van het functioneren van de verloskundige spoedzorgketen.

Verloskundige spoedzorg kan op verschillende manieren gedefinieerd worden, in dit onderzoek is spoedzorg gedefinieerd als alles wat de zorgverlener als spoed ervaart waarbij hij/zij het noodzakelijk acht dat de cliënt (patiënt) direct doorverwezen moet worden naar een andere zorgverlener.

De zorg voor vrouwen die tijdens de bevalling met spoed naar het ziekenhuis moeten, blijkt over het algemeen goed te verlopen. Vooral door goede persoonlijke contacten tussen verloskundigen, ambulancezorgverleners en zorgverleners in het ziekenhuis. Maar aan heldere, duidelijk vastgelegde afspraken ontbreekt het nog wel eens.

klik hier voor het volledige rapport

ZonMw publiceert KLPS-project tot Goed Voorbeeld

20 januari 2011 door Remco Ebben

Het project ‘Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg’ (KLPS-project) is door ZonMw gepubliceerd als Goed Voorbeeld. Goede Voorbeelden zijn projecten die met overtuiging laten zien dat wetenschap en praktijk samen kunnen gaan. Ze zijn inspirerend en illustreren hoe wetenschappelijk onderzoek op korte termijn kan leiden tot oplossingen of innovaties in de gezondheidszorg. Inmiddels heeft ook de HBO-raad het KLPS-project als Goed Voorbeeld overgenomen. U kunt hieronder beide publicaties bekijken.

ZonMw: http://www.zonmw.nl/nl/onderwerpen/alle-programma-s/praktijkgericht-onderzoek/goede-voorbeelden/

HBO-raad: http://www.lectoren.nl/2010/goed-voorbeeld-praktijkgericht-onderzoek-protocollen-spoedzorg.html

Het KLPS-project loopt sinds 2009 en ontwikkelt drie ketenprotocollen voor de ambulance en spoedeisende hulp, waarbij aansluiting wordt gezocht bij de NHG-standaarden van de huisartsenpost. Tevens wordt een implementatiestrategie ontwikkeld waarmee een (proef)implementatie van de drie ketenprotocollen wordt uitgevoerd. Het KLPS-project wordt uitgevoerd door het Lectoraat Acute Intensieve Zorg, in samenwerking met beroepsverenigingen uit de spoedzorg.

Start data-analyse KLPS-project

18 december 2009 door Remco Ebben

analyseIn een eerder bericht (28 oktober) is op de weblog melding gemaakt van de start van de gegevensverzameling van het project ‘Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg’ (KLPS-project). Met het KLPS-project wordt onderzocht hoe vaak het Landelijk Protocol Ambulancezorg (LPA) en het Landelijk Protocol Spoedeisende Hulp (LPSEH) worden gebruikt, in welke mate zij worden opgevolgd en welke factoren deze mate van opvolging beïnvloeden.

Om gegevens te verzamelen zijn de afgelopen maanden vragenlijsten verstuurd naar SEH-verpleegkundigen (N=200), ambulanceverpleegkundigen (N=200), Medisch Managers Ambulancezorg (MMA) (N=23) en Medisch Eindverantwoordelijke artsen op de SEH (N=103). De respons per groep varieerde. Zo heeft 69,6% van de MMA’s de vragenlijst geretourneerd. Van de Medisch Eindverantwoordelijke artsen op de SEH heeft 48,5% de vragenlijst geretourneerd. In de beide verpleegkundige groepen ligt de respons lager: 39% van de SEH-verpleegkundigen en 25,5% van de ambulanceverpleegkundigen heeft de vragenlijst geretourneerd. In beide groepen heeft de lagere respons te maken met de steekproef: de databestanden waaruit de verpleegkundigen zijn gehaald bestonden niet alleen uit SEH- of ambulanceverpleegkundigen.

Naast de vragenlijsten zijn 20 interviews afgenomen bij SEH- en ambulanceverpleegkundige (2×N=5), MMA’s (N=5) en SEH-artsen (N=5). De interviews worden op dit moment uitgeschreven waarna ze in januari door 2 onderzoekers onafhankelijk worden gecodeerd. Tot slot hebben twee studenten van de HBO-V de afgelopen weken 1800 ambulanceritformulieren bestudeerd om inzicht te krijgen in de mate van opvolging van het LPA.

Resultaten van de vragenlijsten, interviews en dossieronderzoek worden verwacht in februari 2010. Houdt u daarom deze weblog in de gaten. Voor meer informatie en/of vragen over het KLPS-project kan contact worden opgenomen met Remco Ebben, onderzoeker KLPS-project.

E: Remco.Ebben@han.nl
T: 024 353 07 17

Start gegevensverzameling KLPS-project

28 oktober 2009 door Remco Ebben

Onderzoek doen

In een eerder bericht (12 augustus 2009) is melding gemaakt van de start van het project ‘Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg’ (KLPS-project). Met het KLPS-project wordt onderzocht hoe vaak het Landelijk Protocol Ambulancezorg (LPA) en het Landelijk Protocol Spoedeisende Hulp (LPSEH) worden gebruikt, in welke mate zijn worden opgevolgd en welke factoren deze mate van opvolging beïnvloeden. Met deze gegevens wordt een implementatiestrategie ontwikkeld.

Om gegevens te verzamelen is in oktober 2009 gestart met het afnemen van individuele interviews bij SEH- en ambulanceverpleegkundigen, Medisch Managers Ambulancezorg (MMA) en Medisch eindverantwoordelijke artsen op de SEH. In het totaal moeten 20 interviews worden gehouden, waarvan er 11 reeds zijn afgerond. Daarnaast zijn schriftelijke vragenlijsten verstuurd naar MMA’s (N=25), medisch eindverantwoordelijke artsen op de SEH (N=103), SEH-verpleegkundigen (N=200) en ambulanceverpleegkundigen (N=200). Tot slot beginnen in november twee studenten van de HBO-V met het bestuderen van ambulanceritformulieren bij 5 Regionale Ambulancevoorzieningen (RAV) om inzicht te krijgen in de mate van opvolging van het LPA.

Het is de verwachting dat eind december alle gegevens binnen zijn zodat in januari 2010 de gegevens kunnen worden geanalyseerd. Voor meer informatie en/of vragen over het KLPS-project kan contact worden opgenomen met Remco Ebben, onderzoeker KLPS-project.

E: Remco.Ebben@han.nl
T: 024 353 07 17

Nieuw project: Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg

12 augustus 2009 door Remco Ebben

keten

In de dagelijkse praktijk van de spoedzorg maken protocollen onderdeel uit van het professioneel handelen van zorgverleners. Zo werken ambulanceverpleegkundigen met de Landelijke Protocollen Ambulancezorg (LPA) en spoedeisende hulp verpleegkundigen met de Landelijke Protocollen Spoedeisende Hulp (LPSEH). Tenminste, dat is de ideaalsituatie. De vraag is echter of en hoe vaak deze protocollen daadwerkelijk worden gebruikt? En als ze worden gebruikt, in welke mate worden ze dan opgevolgd? En welke factoren beïnvloeden deze mate van opvolging eigenlijk? En op welke onderwerpen kunnen de spelers uit de spoedzorgketen de handen ineen slaan door dezelfde protocollen te gebruiken?

Om antwoord te geven op deze vragen is het Lectoraat Acute Intensieve Zorg gestart met een nieuw project: Ketenbrede Landelijke Protocollen Spoedzorg, kortweg KLPS-project. Het KLPS-project wordt gesubsidieerd vanuit het programma spoedzorg van ZonMW en is opgedeeld in twee fases. In fase 1 wordt met behulp van vragenlijsten, individuele interviews, groepsinterviews en dossieronderzoek onderzocht hoe vaak de LPA en LPSEH worden gebruikt, in welke mate zij worden opgevolgd en welke factoren deze mate van opvolging beïnvloeden. Met de gegevens wordt een implementatiestrategie ontwikkeld. In fase 2 worden 3 ketenbrede protocollen spoedzorg ontwikkeld voor de ambulance en spoedeisende hulp die aansluiten bij de huisartsenpost. In beide fases wordt intensief samengewerkt met diverse beroepsverenigingen uit het de spoedzorgketen.

Het KLPS-project loopt van juni 2009 tot en met november 2011. Op dit moment is het KLPS-project 2,5 maand onderweg en wordt de veldoriëntatie afgerond. Medio september wordt gestart met het verzamelen van de gegevens door het versturen vragenlijsten, het uitvoeren van dossieronderzoek en het organiseren van interviews. De eerste resultaten worden verwacht in het voorjaar van 2010. Tot die tijd zal met enige regelmaat een voortgang van het project op deze weblog worden gepost. Zie ook de eerste post van 2 januari 2009 waarin het KLPS-project wordt aangekondigd.

Voor meer informatie en/of vragen over het KLPS-project kan contact worden opgenomen met Remco Ebben, onderzoeker KLPS-project.
E: Remco.Ebben@han.nl
T: 024 353 07 17

Betere Samenwerking in Spoedzorg

17 februari 2008 door Joke Mintjes


ZonMw bereidt een programma Spoedzorg voor. Doel is de wetenschappelijke onderbouwing van een goed ingerichte keten van acute zorgverlening. Het beoogde resultaat van het programma Spoedzorg is een betere (regionale) samenwerking in de acute zorgketen om de zorgverlening aan de patiënt te verbeteren. Het programma zal in twee delen uiteen vallen. Het onderdeel onderzoek en ontwikkeling richt zich op de aandachtsgebieden organisatie en zorginhoud. En het tweede deel zal zich richten op communicatie en informatievoorziening naar het veld.
Het programmabudget bedraagt €4 miljoen voor de periode 2008-2012. Het streven is om 1 februari 2008 het programmavoorstel aan VWS aan te bieden, we verwachten het dus binnenkort. We houden u op de hoogte. Zie ook www.zonmw.nl

Protocollen Ambulance en Spoedeisende Hulp

10 januari 2007 door Joke Mintjes


Rond de kerst verschenen de laatste nummers van de vakbladen van de beroepsvereniging Ambulancezorg (BVA) en Nederlandse Vereniging voor Spoedeisende Hulp verpleegkundigen (NVSHV). De NVSHV juicht over het tot stand komen van het Landelijk Protocol SEH. Terecht, het is een prachtig resultaat van samenwerking met de Ambulancezorg. De protocollen van de ambulance en spoedeisende hulp sluiten naadloos op elkaar aan. Het LPSEH is te bestellen via de website http://www.nvshv.nl
Het is de bedoeling van protocollen dat ze worden opgevolgd. Onderzoek naar het hanteren van het landelijk protocol pijnbestrijding voor ambulanceverpleegkundigen ( 16.15) laat zien dat vaak wordt afgeweken van de voorschriften uit een protocol. Verpleegkundigen maken er selectief gebruik van. Lees verder het artikel over Onderzoek naar pijn en pijnbehandeling bij traumapatienten in de ambulancezorg, nummer 4 in 2006 van het vakblad BVA. (http://www.beroepsverenigingambulancezorg.nl)
Dit bevestigt wat we wel weten: bij het invoeren van protocollen horen implementatietrajecten. Dat zou een volgend mooi gezamenlijk iniatief kunnen zijn van de NVSHV en de BVA. Misschien ook een taak voor het lectoraat? Graag uw reacties.

Ketendenken

17 augustus 2006 door Joke Mintjes

In de traumazorg ligt (terecht) het accent op levensreddende handelingen in de acute situatie. Naast de medisch –technische handelingen met alle aandacht voor het stabiliseren van de vitale functies is het belangrijk dat zorgprofessionals oog en oor hebben voor de behoeften van de patient en zijn familie tijdens de gehele zorgketen. De traumapatiënt heeft te maken met verschillende schakels in de keten van de traumazorg: de ambulance, spoedeisende hulp, intensive care, en revalidatie. Voor hem/haar is dat één, vaak lange, weg. De meeste zorgverleners zien van die weg slechts een deel: je werkt op de ambulance, de SEH, IC of revalidatie. De betrokkenheid van de hulpverlener is voorbij wanneer de patiënt is overgedragen naar de volgende afdeling. Om het denken vanuit patientenperspectief te helpen bevorderen richt het lectoraat zich op de patient in de gehele keten van acute intensieve zorg; de “kritieke keten”. (De DVD over communicatie in de kritieke keten is te leen bij het secretariaat). Het Ketendenken wordt sterk gepropageerd in het advies “Verpleegkundige toekomst in goede banen”. Daarin wordt gepleit voor ketendenken in opleidingen zodat bijvoorbeeld ambulanceverpleegkundigen, SEH en IC verpleegkundigen wederzijds inzetbaar zijn. De digitale versie is te downloaden via www.venvn.nl. In gesprekken met het veld bleken sommige verpleegkundigen geen, en andere sterke, behoefte te hebben aan brede inzetbaarheid in de acute intensieve zorg. Willen lezers reageren die hierover een mening hebben of hiermee ervaring hebben?