HAN

Zoeken | Site-navigatie | Extra onderdelen (sidebar)

Zorg voor suïcidepogers in het algemeen ziekenhuis

13 augustus 2009 door Joke Mintjes

suicide

Door Esmée van der Hart, Nurse Practitioner Intensive Care, Diakonessenhuis te Utrecht

Volgens het LIS onderzoek in de periode 2000 – 2004 komen er jaarlijks 14.000 suïcidepogers op de Spoedeisende Hulp in Nederland. Dat zijn ongeveer 120 patiënten op de Spoedeisende Hulp per jaar, meerdere patiënten per week dus. Suïcidepogers zijn daarmee een aanzienlijke belasting voor de Spoedeisende Hulp. Suïcidepogingen vormen 1% van alle behandelingen van letsels op de SEH afdelingen (Kerkhof et al., 2007).

Een goede opvang van deze suïcidepogers is belangrijk omdat goede opvang een herhaling kan voorkomen (Bool, 2007). En de kans op een recidief is redelijk groot. Minstens 40% van al degenen die na een suïcidepoging worden opgenomen, recidiveert (CBO, 1991), meestal binnen korte tijd. Verpleegkundigen zijn vaak niet op de hoogte dat goede zorg recidief pogingen kan voorkomen.

Kerkhof et al. (2007) heeft onderzoek gedaan naar protocollen voor de opvang van suïcidepogers in het ziekenhuis. 40% van de ziekenhuizen hebben een protocol, maar de uitvoering in de praktijk is niet optimaal. Vooral goede nazorg en regionale afspraken ontbreken. Protocollen waarbij de consultatieve psychiatrische dienst de naleving zelf in handen heeft, worden beter uitgevoerd.

Na de eerste opvang op de Spoedeisende Hulp gaat de patiënt naar de Intensive Care of de verpleegafdeling. Op de afdeling komt de psychiater langs voor een gesprek met de patiënt. Uit onderzoek is gebleken dat veel patiënten zich later van zo’n gesprek weinig of niets kunnen herinneren (Laan & Verwey, 1992, Hoogduin et al., 2000). Daarom is het belangrijk dat het ziekenhuis de nazorg regelt en er het liefst ook op toeziet dat het wordt uitgevoerd.

Landelijk is het probleem van de opvang van suïcidepogers onderkend. In opdracht van het ministerie heeft het Trimbosinstituut in 2007 een actualisering geschreven op het advies van de Gezondheidsraad uit 1986. Daarin staat de aanbeveling dat de kwaliteit van zorg bij suïcidepogingen in algemene ziekenhuizen verbeterd moet worden door een richtlijn voor de opvang van suïcidepogingen te maken. Recent is er een landelijke werkgroep ingesteld die zo’n richtlijn gaat schrijven.

Vooruitlopend op de richtlijn is het Diakonessenhuis Utrecht een protocol aan het maken voor de opvang van suïcidepogers in het algemeen ziekenhuis. Om inzicht te krijgen in de aantallen suïcidepogers op de Spoedeisende Hulp zijn alle patiënten met een auto-intoxicatie, automutilatie of TS uit het zorginformatiesysteem gehaald. Dat leverde een onwaarschijnlijk hoog aantal suïcidepogers op. Het bleek dat er geen onderscheid werd gemaakt tussen opzettelijke auto-intoxicatie (suïcides) en niet-opzettelijke auto-intoxicatie. Ook de jongeman die teveel bier drinkt in de koninginnenacht, is een auto-intoxicant. Nader dossieronderzoek liet zien dat 25% van de autointoxicanten geen suïcidepogers zijn.

Willen we de zorg voor deze patiënten verbeteren dan is inzicht het aantal patiënten een eerste vereiste om te weten waar je het over hebt. Een protocol zorgt vervolgens voor duidelijke afspraken over de verantwoordelijkheden en taken van alle betrokkenen. De nazorg kan hierin meegenomen worden om de zorg voor de suïcidepoger te verbeteren.

Share

Reacties

11 Reacties to “Zorg voor suïcidepogers in het algemeen ziekenhuis”

peter-jan verdonk schreef:

Graag zou ik een exemplaar van het onderzoek ontvangen.

gertjan struik schreef:

Beste Joke mintjes

Ik zou heel graag een exemplaar mogen ontvangen, in ruil stuur ik je mijn scriptie die ingaat op de zorg voor suicidepogers in het algemeen ziekenhuis die ik deze week afrond (HBO_V). Daarin kijk ik voornamelijk naar de factoren die de ervaren en geboden steun beinvloeden, zoals de attitude van de zorgverlener. Ook breng ik in kaart welke behoeften men heeft etc.

Ik denk dat mijn scriptie een goed inzicht geeft in alle gevoelens, gedachten en emoties die spelen bij zorgvrager en zorgverleners.

Gertjan Struik

gertjan struik schreef:

Excuus, mijn vraag is natuurlijk gericht aan Esmée van der Hart.

M.Rakiman schreef:

Beste Esmée van der hart,

Graag zou ik ook een exemplaar willen ontvangen. Ik ben benieuwd naar het onderzoek en hoe ik het met onze protocollen in het ziekenhuis kunnen gebruiken.
Ik werk in de consultatieve psychiatrische dienst van het algemeen ziekenhuis en heb dagelijks met suicidanten te maken.

Met vriendelijke groet,

Maureen Rakiman

Olav Geenen schreef:

Beste Esmée van der Hart,

Graag ontvang ik het verslag van dit onderzoek. Bij voorbaat dank voor de te nemen moeite.

Met vriendelijke groet,

Olav Geenen.

Coby Bevelander schreef:

Graag zou ik een exemplaar willen ontvangen: als cpv ben ik werkzaam in de consultatieve dienst en kom wekelijks op de IC ivm. suïcidanten.

Met vriendelijke groet: Coby Bevelander.

Alejandraa schreef:

gEACHTHE mw van der Hart
ik ben bezig met mijn afstudeert onderzoek. ik heb gekozen voor het onderwerp : verpleegkundige rol rondom de suicidaal patient in een algemeen ziekenhuis.
Graag zou ik u exemplaar willen ontvangen om te kijken of ik deze kan gebruiken voor mijn scriptie.Alvast bedankt

Met vriendelijk groet,
Alejandra Pedroza

Remco Ebben schreef:

Beste Alejandra,

bedankt voor je reactie op onze weblog.
Ik heb je vraag doorgestuurd. Binnenkort ontvang je een reactie.

Groeten Remco Ebben

Dirk schreef:

Ik vind het belangrijk dat mensen weten dat als je na een suïcide poging hulp krijgt, je levensverwachting daalt met gemiddeld 23 jaar door de (dwang) medicatie.

Vraag niet om hulp en bovenal doe geen zelfmoord poging.

De levensverwachting van patiënten met een ernstige psychiatrische aandoening is gemiddeld 13 tot 30 jaar korter dan die van de rest van de bevolking. Mede omdat de organisatie van de gezondheidszorg slecht aansluit bij de beperkingen en specifieke risico’s van deze patiënten.

Met deze bevindingen komt Fenneke van Hasselt. Van Hasselt promoveert op 25 oktober aan de Rijksuniversiteit Groningen op onderzoek dat zij uitvoerde bij haar werkgever GGZ Westelijk Noord-Brabant.

De kortere levensverwachting komt voornamelijk doordat mensen met een ernstig psychiatrische aandoening (EPA) een vergroot risico hebben op lichamelijke ziekten, zoals hart- en vaatziekten en suikerziekten. Bijvoorbeeld door bijwerkingen van medicatie, een ongezond voedingspatroon of gebrek aan lichaamsbeweging. Tegelijkertijd worden klachten die hierop wijzen onvoldoende herkend en behandeld, merkte Van Hasselt. ”Soms strandt dat al in de eerste fase, doordat het patiënten niet lukt met hun klachten naar de huisarts te gaan.”
Klachten

Mensen met EPA wonen vaak thuis en hebben hun eigen huisarts. Daarnaast worden ze begeleid door een psychiatrisch team. Van Hasselt: ”Er is een deel van de patiënten dat meldt eigenlijk nooit naar de huisarts gaan, maar als je ze vraagt of er gezondheidsproblemen spelen, blijken er minimaal drie zaken te zijn waarmee ze eigenlijk naar de huisarts zouden moeten. Maar ook de patiënten die de weg naar de huisarts wel weten te vinden lukt het niet altijd hun klacht helder te vertellen, bijvoorbeeld omdat ze de signalen uit hun lichaam anders ervaren.”
Samenwerking

Alle betrokkenen vinden het grootste probleem dat de samenwerking tussen de zorgverstrekkers nogal eens ontbreekt, ontdekte Van Hasselt. ”Soms wordt er iets opgestart bij de GGZ, maar weet de huisarts van niets of andersom. Of laten ze allebei na een procedure op te starten, omdat ze verwachten dat de ander dat wel doet.” Ook zouden alle partijen op de hoogte moeten zijn van de voorgeschreven middelen van een patiënt. ”Dat klinkt vanzelfsprekend, maar dat is het op dit moment nog helemaal niet. Met dit soort eenvoudige dingen is dan ook heel veel te winnen.”

Martijn Dits schreef:

Beste Mw Van Der Hart,

Momenteel ben ik bezig met de afronding van mijn opleiding tot Medium Care verpleegkundige in het Maasstad Ziekenhuis te Rotterdam.
In die hoedanigheid heb ik veel te maken met patienten na een Tentamen Suicide. Ik heb dan ook besloten om mijn verpleegkundig onderzoek te verrichten naar zorg aan suicide pogers in het algemeen ziekenhuis.
Ik denk dat een exemplaar van het onderzoek mij hierin kan helpen, graag zou ik hier dan ook een exemplaar van mogen ontvangen.

Vriendelijke groet,
Martijn Dits.

marije koedijk schreef:

Is het mogelijk dat ik een exemplaar ontvang? Als SEH verpleegkundige kom ik veel in aanraking met dit soort patienten. Ik vind het een interessant onderwerp.

groet,

Marije

Reageer

*